Paul Budde
  • PaulBuddeHistory.com covers the historical interests and projects of amateur historian Paul Budde; tracing the broader Budde family history back through North Germany and the Baltic region.

    His personal interest is in medieval North Western Europe. Also covered is the local history of Bucketty, NSW, Australia.

Paul Budde's History Archives

Oorlogsjaar 1941

De februaristaking in 1941 was de eerste grote verzetsactie. Er bestond een grote vrees dat vele arbeiders naar Duistland gezonden zouden worden om daar werk te gaan verrichten. Toen de grootschalige en wrede razzia’s op de joden in Amsterdam begonnen, nam de communistische partij het initiatief voor een algemene staking. Maar binnen een dag had de Duitse SS de situatie weer onder controle.

Mijn vader was het eerst actief in het verzet, het dagboek van mijn moeder begint pas een jaar later. Het eerste gedateerde archiefstuk dat verwijst naar het opkomend verzet van mijn vader is een kopie van een illegale Franse krant

Krantenkoppen  – Le Courrier de L’Air  26-1-1941 (archiefnummer 56)

Graziani a perdu plus de 100.000 hommes.

(Italiaanse verliezen in Noord Afrika tijdens het offensief van de Engelsen, Australiërs en Fransen bij Tobruk).

Les Francais libres en etaient.

Franse successen in Libië

Nouveaux secces Grecs

Griekse successen tegen de Italiaanse bezetters.

‘Nous donnerons notre plein appui’ – M. Roosevelt

Amerikaans toezeggingen inzake militaire en financiële steun voor de oorlog in Europa.

Ik denk dat er twee belangrijke redenen waren voor zijn verzetsactiviteiten:

  • Allereerst had hij een enorme vrijheidsdrang en kon zich al snel niet met de bezetting van Nederland verenigen. Dit komt vooral ook tot uitdrukking in de enkele gedichten, die hij in die tijd heeft geschreven.
  • Vervolgens zat hij in een circuit waar binnen hij diverse illegale vlugschriften ontving, die opriepen tot voorzichtige sabotage. De eersten dateren van begin 1941 en zijn hieronder weergeven. Al snel bleef het niet bij gedichten schrijven en vlugschriften lezen en raakte hij betrokken in het verzet. Voor zover ik kan nagaan was het niet zozeer dat hij binnen een ‘officiële’ verzetsbeweging actief was. Het was meer gebaseerd op eigen initiatief.

Al in mei 1941werd Herman bekeurd voor het aanbrengen van affiches tegen de NSB (de Nederlandse Nazi partij die met de Duitsers collaboreerde).

Affiches NSB

De door de NSB aangebrachte affiches werden regelmatig afgescheurd en overgeplakt met andere aanplakbiljetten. In mei 1941 maakten twee inwoners zich hieraan schuldig getuige een schrijven dat burgemeester H.F.M. baron Schimmelpenninck van der Oye op 7 mei 1941 ontving van de Officier van Justitie (E.Overbosch) te Almelo.

Dat schrijven luidde:

“Naar aanleiding van het procesverbaal van de Marechaussee Brigade Ootmarsum, opgemaakt tegen H.G.J. Lohuis en H.P.Th. Budde, betreffende het overplakken van aanplakbiljetten van de NSB,  waarbij is gebleken, dat de biljetten van de NSB tevoren reeds vernield waren, heb ik de eer U  Edelachtbare te verzoeken, afdoende politiemaatregelen te willen nemen, opdat herhaling van een  dergelijk feit in den vervolge zoveel doenlijk worde verkomen”.

(Bron: Ootmarsum 1940-1945)

De illegale vlugschriften in het archief van mijn vader geven een heel goed beeld van deze periode. Het geeft aan de ene kant een goed inzicht in het beleid van de bezetter in Nederland, waarin de NSB een rol speelt, maar zo te zien niet leidinggevend. De eigenlijke besluiten komen direct van de bezetter. Van de andere kant geeft de manier, waarop de vlugschriften van commentaar worden voorzien door de illegale verzetstrijders, ook een duidelijk beeld van de situatie vanuit de kant van het opkomend verzet.

Interessant is vervolgens ook om te constateren hoe belangrijk de religie, waarover al het een en ander is geschreven in de vorige hoofdstukken, is in deze tijd. De aandacht die zowel de bezettende macht, de NSB en het Nederlandse Verzet geeft aan de kerk en de kerkleiders getuigt van de invloed die de kerken en het geloof op de Nederlandse bevolking heeft.

In de rooms katholieke kerk was het vooral Kardinaal de Jong die fel ageerde tegen de bezetters.

Kabelwacht

Werkende op het gemeentehuis was Herman al snel de klos met betrekking tot de kabelwacht (zie hieronder). In zijn archief komt een overzicht voor waarin zijn schema staat vermeld. In zijn archief zijn ook enkele oproepen voor Hermans vader Theo (archiefnummers 16 en 17).

Uit: Ootmarsum 1940–1945

Om van een verbinding tussen de verschillende onderdelen verzekerd te zijn, had het Duitse bezettingsleger een eigen telefoonleiding aangelegd. Deze was vooral in de eerste oorlogsjaren erg provisorisch en de kabels lagen open en bloot langs de wegen in de berm.

 

Het spreekt vanzelf dat die kabels een geliefd doelwit waren voor het ondergrondse verzet en het kwam dan ook herhaaldelijk voor dat de kabels werden vernield. Daarbij werden dan vaak grote stukken meegenomen en daardoor werd herstel nog meer bemoeilijkt.

 

De Duitse bezetter wilde aan deze sabotagedaden een einde maken en liet de kabels beschermen door de zogenaamde Kabelwacht.

 

Voor die Kabelwacht werden Nederlandse burgers ingeschakeld, die op straffe van represailles gedwongen werden om enkele uren langs een van tevoren aangegeven traject te patrouilleren. Die Kabelwacht moest natuurlijk dag en nacht functioneren.

Het is te begrijpen dat de animo voor dit werk om meerdere redenen niet erg groot was en velen probeerden er onderuit te komen. Lukte dat, door bijvoorbeeld het voorwenden van een ziekte, dan had dat wel tot gevolg, dat anderen vaak dubbele diensten moesten draaien. Uit solidariteit gingen daarom velen maar op Kabelwacht.

 

In Ootmarsum moest een lengte van 2,4 kilometer kabel worden bewaakt langs onder andere de Almelosestraat, Molenstraat, Vasserweg, Hazelrot en Oldenzaalsestraat.

De tijden, waarop gewaakt moest worden waren: van 22.00 – 02.00 uur; van 02.00 – 06.00 uur; van 06.00 – 10.00 uur; van 10.00 – 14.00 uur; van 14.00 – 18.00 uur; van 18.00 – 22.00 uur.

 

Krachtens de Duitse voorschriften moesten alle mannelijke inwoners tussen de 18 en 60 jaar aan die Kabelwacht deelnemen.

 

In opdracht van de bezetter werd medio september 1941 de Ootmarsumse kabelwacht ingesteld door burgemeester Schimmelpenninck van der Oye. Vanaf het begin waren er bepaalde groepen mensen die niet in actie hoefden te komen. Dat waren op de eerste plaats de NSB-ers; zij hoefden dat werk niet te verrichten. De Joden kwamen er niet voor in aanmerking, omdat ze volgens de bezetter niet te vertrouwen waren. Dan hadden ook al diegenen die in Duitse fabrieken of bij Hazemeijer, Heemaf of Stork werkten vrijstelling. En tenslotte waren ook ambtenaren, doktoren, de marechaussee, kommiezen, geestelijken en politiemensen vrijgesteld.

 

Volgens de reglementen moest er 4 uur lang een stuk kabel worden bewaakt. Overdag was dat 200 meter en ’s nachts 100 meter.

 

Op 19 december 1941 komt er een kort briefje binnen van “Der Befehlshaber der Sicherheitspolizei und des SD für die besetzten niederländischen Gebiete. Aussenstelle Enschede”:

 

Ich bitte davon Kenntnis zu nehmen, dass die bisher noch bestehende Kabelwache mit Wirkung vom 23.12.1941 in vollem Umfange aufgehoben wird”

 

Reorganisatie marechaussee (archiefnummer 19)

Dit is een facsimile of het originele archiefstuk, inclusief type fouten

PROVOCATEURS-OPLEIDING te SCHALKAAR.

Achter de schermen van de Koninklijke Marechaussee

De Luitenant-Kolonel BOELLARD, Inspecteur der Marechaussee (als zoodanig door de Duitschers benoemd, na het ontslag van den Heer van Everdingen, die als Nederlandsch officier hardnekkig was blijven weigeren, naar hun pijpen te dansen) heeft bij strikt vertrouwelijk rondschrijven d.d. 29 1941 (ed. geen maand vermeld in het origineel) het hoogere kader van de Marechaussee ingelicht over de z.g. reorganisatie “P”, zijnde reorganisatie der Nederlandsche Politie, gelijk deze moet worden uitgevoerd, volgens de bevelen van de Commissaris-Generaal van de Openbare Veiligheid.

Als eerste taak van het Korps wordt daarin genoemd de bescherming van den staat en het algemeen welzijn.

Daaronder pleegt de bezetter gansch andere dingen te verstaan dan fatsoenlijke menschen. Hij heeft de laatste maanden wanhopige pogingen gedaan om het fiere Wapen der (Koninklijke) Marechaussee een hulptroep te maken in zijn terreuractie tegen ons volk.

Nadat al deze probeersels zijn afgestuit op de patriottische gevoelens van 98 procent van de officieren en manschappen van het Korps grijpen de Duitschers nu andere middelen aan.

Het lijkt ons goed dat men daarvan in zeer breede kringen van op de hoogte komt, zoodat de bevolking weet, wat zij aan den Marechaussee heeft. Wat daar thans onder de initialen P.O.B. bezig is te gebeuren.

P.O.B. beteekent “Politie-Opleidings-Bataljon”. Het is centraal voor het heele land gevestigd in de kazerne van Schalkaar bij Deventer.

Aangezien er onder de eigenlijke officieren der (Koninklijke) Marechaussee niemand is geweest, die zich met de leiding heeft willen belasten, heeft Generaal Rauter eenig tijd geleden den reserve Kapitein der Infanterie F.A.C. Donders uit Tilburg benoemd.

De Heer Donders die zijn Duitsche sympathieën nooit verborgen heeft, had namelijk zijn betrouwbaarheid getoond op de inmiddels niet onbekend meer gebleven vertrouwelijke vergadering te Den Haag, waar de Duitschers wilden overgaan tot het oprichten van een Marechaussee-vrijwilligers-legioen voor Rusland.

In die conferentie werd allereerst het woord gevoerd door Generaal Rauter, die zeide, dat men in Berlijn met belangstelling gadesloeg wat de houding van de Marechaussee in den verderen tijd van den oorlog zou zijn.

Wel die houding bleek ondubbelzinnig uit de opmerkingen die de aanwezige hooger officieren vervolgens maakten.

Zij verklaarden namelijk, dat hun eed hen verbood, handlangersdiensten aan een vijand (dat is Duitschland) te verleenen en dat zij op het punt van trouw niet met hun geweten wenschten te marchandeeren.

Noch een nieuw dreigend betoog van Rauter, noch een landverraderlijke rede van den N.S.B. chef van het Departement van Justitie Prof. Schrieke kon de officieren van hun standpunt brengen.

Toen Rauter tenslotte de heeren die hun plicht tegenover den Nieuwen Tijd verstaan, verzocht even op te willen staan, bleven alle aanwezigen, op twee na, rustig zitten.

Die twee uitzonderingen waren de reserve-officieren Jhr. mr. Op ten Noort en Donders. Onmiddellijk daarop ontvingen deze beide heeren de opdracht door mondelinge propaganda de Marechaussee tot betere inzichten te brengen. Jhr. Op ten Noort nam de officieren en Felix Donders de manschappen voor zijn rekening. Deze propaganda mocht krachtens een instructie van den Luitenant-Rolond Boelhard niet worden tegengewerkt. Dus luisterde men overal in het  land ijskoud en braaf naar de landverraderlijke praatjes van x  (ed. niet ingevild in het origineel) maar niemand ging naar Rusland.

De Haagsche heeren zagen weldra in, dat er op deze wijze geen ander resultaat te boeken zou zijn dan een groote mislukking en zij zonnen op nieuwe maatregelen. Er moest frisch bloed komen. Het P.O.B. verscheen ten tooneele.

De staf van deze opleiding bestaat voor het overgroote deel uit N.S.B. ers benevens voor den vorm een enkeling die geen lid van Musserts partij is, doch alleen maar mee sympathiseert.

Men heeft daarvoor geen ENKELE MARECHAUSSE OFFICIER kunnen krijgen.

Men heeft zich dus moeten vergenoegen met een troepje louche typen, die vroeger in het leger hebben gediend.

Commandant is Felix Donders, dien de Tilburgernaren kennen als lid van hun vroegere gemeenteraad, met wien de andere raadsleden geen contact hebben willen onderhouden, vanwege ‘s mans politieke financieele praktijken. Onder deze vlotte man staan thans de volgende overgeloopen officieren, wier namen men goed zal doen te onthouden.

JJ.ZOMERS.-E.H.HUIZINGA-J.A.ELLERS-F.SOER-H.G.HAGENS-DR.G.BEEK-A.STUIVENBERG-C.Th.FRANSE-H.BOERSMA-W.H.TASSRON-P.V.D.KWAST-A.W.VERHOEVE-H.de la HAYE-P.VOSKUIL-J.W.A.SMIT-O.WESTRA EN F.B.KLIJNSTRA.

Deze heeren hebben dus de opleiding van een voor den bezetter betrouwbaar politie-bataljon in Nederlandsch uniform gestoken in handen. En laat ons thans eens gaan kijken in Schalkaar, het centralen punt van deze opleiding.

Een modern frisch gebouw herbergt de jongemannen, die zich voor dit werk hebben laten ronselen. Slechts een enkeling heeft vroeger in een of andere vorm politiewerk gedaan, vrijwel allen komen voort uit wat de militairen noemen, de burgermaatschappij.

Er zijn veel mislukkelingen onder en verder gelukzoekers en andere dubieuze elementen, waarbij de Nieuwe Orde haar steun pleegt te vinden. Hoe zijn deze jongens hier, in deze landverraderlijke kazerne terechtgekomen?

Zij waren aangemeld, goeddeels door bemiddeling van de keuringsplaats, door Nederlandsche en Duitsche artsen gezamenlijk en tenslotte hadden zij zich te onderwerpen aan een soort van politiek examen.

“Zou je er eigenlijk niet meer voor voelen, ingedeeld te worden bij de S.S. of  S.A. of als je een heel goed figuur slaat, zelfs bij de Leibstandard Adolf Hitler”, was een van de vragen, die hun daarbij werden gesteld.

Een ergelijk vooruitzicht scheen voor de meesten echter niet buitengewoon aanlokkelijk te zijn. Althans van de eerste ploeg van omstreeks 600 goedgekeurde jongens, trok meer dan de helft zich bij nader inzien reeds voor het begin van die opleiding terug en bleven er 278 over van welk aantal er tijdens de duur van de cursus nog 110 de brui aan gegeven hebben.

Van de eerste 600 allerbesten zijn er op het oogenblik nog slechts 168 overgebleven.

Op allerlei wijze en met de grootste moeite, vergezeld door de allerschoonste beloften, heeft men er de laatste twee maanden nog wat jongelui toe kunnen overhalen zich in Schalkhaar te laten kazerneeren, zoodat het totale aantal “aspiranten” zooals de officieele onschuldigen naam luidt einde September een kleine vierhonderd man beliep. In de eerste tijd werd er van gesproken dat men voorlopig met een kleine duizend man beginnen zou.

Voorts ziet men in en om de kazerne officieren van de Grune Polizei rond banjeren. Zij zijn daar niet voor niets. In naam berust het commando weliswaar bij den Brabantschen Kapt. Felix Donders, maar in werkelijkheid houden deze Duitschers de touwtjes in handen.

Alles gaat er “Genau so wie bei uns in Deutschland” De geheele opleiding is geschoeid op Duitsche militaire leest: men volgt er de Duitsche exercitie systemen, men leert er de Duitsche wapengrepen enz enz. Een typisch voorbeeld: Terwijl de Nederlandsche militairen het saluut pleegt te brengen met de handpalm naar voren, groeten de namaak Marechaussees van het P.O.B. met de handpalm naar omlaag……dat wil zeggen zij salueeren correct volgens Duitsch model.

De opleiding is uiteraard volkomen militair, zelfs het mitrailleur schieten ontbreekt niet op het programma.

Iets nieuws vormen de propaganda-uurtjes, waarin N.S.B.-ers en Duitschers allerlei onzinnigheden over bloed bodem en ras uitkramen.

De zichtbare uitwerking valt te constateeren, wanneer men deze knapen, gestoken in een uniform, waarop zij geen recht hebben in hun vrije uren te Deventer Hou-zee tot elkander hoort roepen of haar in marsch formatie ziet langs trekken, zingende het lied dat de Duitschers zelf tegenwoordig maar liever vergeten: “Wir fahren gegen Enge..ge….land”. Zes maanden zal deze opleiding duren. Wat vervolgens de bedoeling is, is nog niet met zekerheid te zeggen. Uit het feit dat er dag aan dag wordt gewezen op de moreele plicht, mee te vechten tegen het Bolsjewisme kan men echter met vrij groote waarschijnlijkheid afleiden, welken weg de machthebbers hun slachtoffers willen laten opgaan. Overigens is de geestdrift om in Rusland te mogen gaan sterven zelfs hier zoo groot, dat er geen week voorbij gaat, zonder dat een paar aspiranten er met de Noorderzon van door gaan.

En van de Schalkhaarsche officieren is alleen WESTRA nog maar naar het Oostfront vertrokken. De anderen hadden allemaal tijdig een uitvlucht bij de hand om hier te blijven.

Tusschen de echte marechaussee en het P.O.B. heerscht een latente oorlogstoestand.

Officieren en manschappen van dit oude Wapen, die voor 98 procent niet bereid zijn, den eenmaal door hen afgelegden eed te breken, beschouwen de Schalkaarsche bende als een smet op hun uniform.

Officieren en manschappen plegen bovendien in het openbaar, zoo onbezonnen op te treden dat er in den aanvang nog al wat rapportjes over de heeren bij de Inspectie binnen kwamen. De Duitschers hebben daar nu kort geleden een einde aan gemaakt, door eenvoudig te bepalen, dat het P.O.B. krijgstuchtelijk niet meer staat onder de Inspectie, maar regelrecht onder de bevelen van Rauter en zijn rasgenooten.

Aldus is de figuur nog duidelijker geworden. Het is dus ook formeel een Duitsche hulpgroep, die daar onder de rook van Deventer is gekazerneerd. Aan de couranten is het verboden iets te schrijven over de reorganisatie van de politie.

Het lijkt ons beter mede te deelen, dat in het hierboven vermelde vertrouwelijk schrijven van den Overste Boellaerd o.a. wordt gezegd; dat de reorganisatie P. behelst omzetting van de gemeente politie in een staatspolitie te Amsterdam, Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Groningen en Eindhoven, Haarlem en Arnhem. Eenheidspolitie in de overige gemeenten onder de 5000 inwoners en voor het platteland met 1 marechaussee op elke 1000 inwoners. De laatste maanden echter hebben zelfs de ingewijden niets meer over dit oorspronkelijk plan vernomen en men neemt aan in dien kring dat er nog wel een en ander veranderd zal worden.

Wij vernamen in dit verband nog, dat het in de bedoeling ligt de Schalkhaarsche aspiranten, nadat zij daar de Duitsche leerschool hebben bezocht in een aantal gemeenten tijdelijk in te deelen teneinde practische kennis op te doen. Men zij dus op zijn hoede, wanneer men deze knapen ergens ziet opduiken. Zij zijn er aan te herkennen, dat hun marechaussee uniform de volgende afwijkingen vertoont:

ZWARTE in plaats van BLAUWE BROEK. GEEN NESTELS (tressen) op de tuniek (geen sporen aan de laarsen. Dit laatste niet te serieus nemen.

Nawoord

Het is interessant om te lezen hoe bang de Duitsers voor de Russen waren. Rusland was een nog grotere vijand dan Engeland. Toen Hitler Engeland niet kon binnenvallen heeft hij heel abrupt de beslissing genomen om het verdrag met Stalin kapot te scheuren en een Oostelijk front te beginnen. Deze, naar wat lijkt zeer impulsieve beslissing, luidde het begin van het einde voor Hitler in. De Duitsers werden steeds banger van de Russen. Vooral toen de Russen terrein begonnen te winnen en na Duits voorbeeld hele Duitse dorpen platbrandden en uitmoorden. Deze angst wordt ook door Annie in haar dagboek opgetekend.

13 September 1944 Gistermiddag een Mof op het Gemeentehuis. Hij wilde een fiets hebben. Hij was bij Kip geweest en vroeg wat voor iemand dat was. Toen we zeiden: “NSB, dus vóór Duitsland,” zei hij: “Ach das ist ja Scheisse.” Hij beweerde ook: “Die Russen die fressen ja Menschen.”

Vlugschrift Ambtenaren (archiefnummer 20a)

Aan de voor den Nederlandschen Arbeidsdienst aanmeldingsplichtige ambtenaren en onderwijzers.

Waarde collega’s.

Wat reeds lang werd gevreesd is thans werkelijkheid geworden. Zooals gij weet moeten wij, jeugdige ambtenaren en onderwijzers, ons voor 25 April a.s. voor den Arbeidsdienst aanmelden. Op zich zelf is er niet het minste bezwaar tegen Arbeidsdienst, doch wel tegen den N.A.D. in zijn huidigen vorm. De N.A.D. is thans wel een nationaal-socialistisch opvoedingsinstituut geworden. Dat maakt voor ons de zaak wel wat anders.

Wat staat ons nu te doen? Ons aanmelden of niet?

Als ge een goed NEDERLANDER zijt, zult gij deze vraag niet anders dan ontkennend kunnen beantwoorden.

Het gaat immers tegen ons aller eer en geweten in ons te stellen onder het juk van een systeem dat onze rechten en vrijheden ontneemt en daarvoor rechteloosheid en dwingelandij in de plaats stelt.

Voor onze Christen collega’s komt daarbij nog dat het tegen hun principiële overtuiging moet strijden zich onder dit anti-Goddelijk “vormings”-apparaat te stellen en het welslagen der daarin gevoerde acte te helpen bevorderen.

Zoolang de oorlog niet is beslecht mist de bezetter ten eenenmale het recht maatregelen als deze te treffen.

Bovendien moet de mogelijkheid niet uitgesloten worden geacht, dat men ons hier of buiten ons Vaderland gaat inschakelen in den keten van den oorlog tegen onszelf.

Wanneer wij nu allen eensgezind zijn en unaniem weigeren én om ons aan te melden én om arbeidsdienst te vervullen, staan we sterk tegenover den dwingeland. EENDRACHT MAAKT MACHT!

Verstaat Uw plicht dien ge hebt tegenover God, Nederland en Oranje. Zijt moedig en houdt moed vrienden! Ge zijt de hoop des Vaderlands. Toont dat ge bereid bent indien noodig een offer te willen brengen voor onze gemeenschappelijke en rechtvaardige zaak.

Beschaamt Uw landgenooten, vrienden en verwandten, die in en ook buiten hun vaderland hun offers voor onze vrijheid brengen niet.

Toont dan wat er in U leeft. We vertrouwen op Uw medewerking.

N.B. Wilt ge dezen brief aan al Uw collega’s, die ge vertrouwen kunt, doorgeven? Pleegt met elkaar overleg, opdat ge allen tot dit besluit moge komen: “Geen Nederlandsche ambtenaren en onderwijzers naar een nationaal-socialistischen arbeidsdienst”.

Vlugschrift Ambtenaren (archiefnummer 20b)

Aan de Gemeente-Ambtenaren.

Waarde collega’s!

Het is ons allen bekend, dat de Nederlandsche Regeering berichten heeft ontvangen, die erop wijzen dat binnenkort een regeering Mussert zal worden gevormd.

Hare aanwijzingen mochten wij ook vernemen. Geen bloedbad ontkeetenen, doch gaan tot de grens van het mogelijke en het roekelooze. Waar ligt deze grens?

Wij weten dat onze bezetter sluw is, zéér sluw zelfs, en voor we het goed en wel bemerken is het mannetje Mussert ons aller chef.

Mag dat? Mag een opperste landverrader dat zijn?

Neen; nu niet en nooit!

Positief kunnen wij echter weinig tegen een dergelijke gang van zaken inbrengen.

Een algemeene ambtenaren-staking zou het meest radicale protest zijn geweest. De bezetter zal er echter niet voor terugdeinzen, zelfs met gebruikmaking van militaire machtsmiddelen een dergelijk zeer ingrijpend optreden te smooren. De grens van het roekelooze zou met zulk een protest absoluut overschreden worden.

Zij die karakter genoeg bezitten om aan een dergelijke staking mede te werken mogen zich niet zonder meer laten afslachten. De zaak der vrijheid kan hen nog niet missen.

Reeds teveel onzer krachtigen en moedigen worden ons door den vijand ontnomen.

Toch kunnen wij op minder in het oog loopende wijze onzen onderdrukker schade berokkenen. Wellicht zelfs nog meer dan door een openlijke strijd als staking, e.d.

Het middel, dat ons ten dienste staat, is: sabotage.

Elke arbeider die een week te laat naar Duitschland vertrekt, elke opgave welke voor Duitsche instanties van belang is (bijv. i.z. materialen), vorderingen voor de weermacht, gelegenheden voor inkwartiering e.d.) en eerst na een of twee rappels wordt verstrekt of eerst onvolledig wordt ingezonden, elke voor hen belangrijke brief, die verkeerd geadresseerd wordt, enz.enz. beteekent schade voor den vijand!

In dit opzicht dienen wij onze kansen te benutten en ons “strijdbaar” te toonen.

Ten slotte doet zich de vraag aan ons voor: “Zal door een regeering Mussert van ons het afleggen van een verklaring worden gevraagd en zoo ja hoe zal deze luiden? “Zal het een loyaliteitsverklaring zijn of een verklaring waarin positieve medewerking wordt verzocht?”

Onze vijanden zullen zich ernstig beraden over de tekst dezer verklaring, ook zij weten wel hoe die ontvangen zal worden.

Kan en mag een dergelijke verklaring door een Nederlander worden geteekend? Wij zijn van meening, dat dit uitgesloten moet worden geacht. Wij kunnen en mogen geen enkele verklaring afleggen noch ons binden aan een Mussert en zijn kliek. Alleen reeds het tragische naspel van de destijds door ons geteekende verklaring van Ariërschap is voldoende om ons te weerhouden wéér een handteekening te plaatsen.

Laten wij allen, zonder uitzondering, weigeren een verklaring af te leggen. Eendracht maakt macht!

Let op de groote solidariteit van de mijnwerkers, en zoo zijn er talrijke navolgenswaardige voorbeelden meer te noemen.

Het gaat om onze hoogste goederen; onze geestelijke, nationale en persoonlijke vrijheden!

Moed en vertrouwen!

Eenige collega’s.

ZORG DAT DIT SCHRIJVEN WORDT DOORGEGEVEN TOT ALLE VERTROUWDE AMBTENAREN HIERVAN HEBBEN KENNIS GENOMEN, DESNOODS VERMENIGVULDIGEN.

Wie wil bevorderen, dat een schrijven in gelijken geest wordt verspreid onder andere groepen van Overheids- en Semi-Overheidspersoneel, als dat bij de Departementen, Prov. Griffien, Rijksbelastingen, P.T. en T. Nederl. Spoorwegen, Gew. Arbeidsbureaux, Distributiediensten, enz, enz?

Vlugschrift Nederlanders (archiefnummer 21)

NEDERLANDERS,

Op 10 Mei 1940 zijt gij overvallen door een volk, welks kinderen gij een in liefdevol erbarmen in Uw midden hebt opgenomen en aan den hongerdood ontrukt.

Zonder eenige aanleiding, zonder waarschuwing heeft de vijand Uw grenzen geschonden, Uw land vertrapt, Uw steden en dorpen verwoest.

Uw kleine kinderen zijn uiteengescheurd door zijn bommen. Uw vrouwen en moeders werden verpletterd en verbrand onder de puinhoopen van Rotterdam, door mannen die haar eens “Mutter” noemden.

Door genadelooze kracht en wreedheid, zich bedienend van bedrog en verraad heeft de vijand Uw vaderland doen zwichten.

Het Nederlandsche leger gaf zich over op 14 Mei 1940.

De vijand sprak met vleiende tong over de dapperheid van Uw soldaten in den ongelijken strijd. Hij deed U dagelijks weten door pers en radio dat hij “grootmoedig” zou zijn jegens het overweldigd “Brudervolk”.

De volksvrijheden zouden behouden blijven, de politieke overtuiging onaangetast, het geweten niet benauwd. De regelen, gesteld in het Landoorlogreglement van 1907, zouden stipt worden nageleefd.

’t Is nu een jaar later.

Welke van al die beloften is gehouden?

Uw voorraadschuren werden leeggehaald. Uw pers is geknecht en verleugend. Uw samenkomsten worden verstoord en verboden. Uw wetten worden verkracht, Uw vrijheden vertrapt, Uw weldadigheidszin gechanteerd.

Uw ooren mogen niet meer hooren, Uw oogen mogen niet meer zien. Wie openlijk handelt naar Gods woord en de inspraak van zijn geweten, wordt bedreigd, gekerkerd en mishandeld. Inplaats dat ge Uw politieke overtuiging volgen moogt, worden de leiders van Uw volk gevangen gezet en heeft de vijand U overgeleverd aan een handvol verraders, aan wier handen nog het bloed kleeft van Uw soldaten. Op Uw straten heerscht de zwarte terreur. Zelfs in Uw huis zijt gij niet meer veilig.

Beschermd zoudt gij worden, maar gij zijt vogelvrij.

10 Mei 1941  Nederland overdenkt dit alles op dezen dag.

Nederland gedenkt de gevallen zonen van zijn volk.

Nederland voelt het leed van hen, die hun vrouwen, kinderen, vaders, mannen zagen sterven onder de instortende dorpen en steden, als een sterk persoonlijk leed.

Nederland treedt op dezen dag in de cellen van zijn gevangenen en binnen het prikkeldraad der concentratiekampen.

Nederland brengt een eresaluut bij de onvindbare graven der 15 martelaren voor de vrijheid.

In Nederland zullen op dezen dag veel tranen vloeien en bittere woorden gesproken worden. En menschelijk is het, wanneer juist op deze dagen het hart van Nederland schreeuwt om wraak!

CHRISTENEN VAN NEDERLAND, zoo mag het niet! “Mij komt de wraak toe, zoo zegt de Heer, Ik zal het vergelden”.

Bant dus in de dagen van 10 tot 15 Mei, bitterheid en wraaklust uit Uw hart. Verootmoedigt U, vernedert U onder de krachtige hand Gods. Vraagt bijzonder op deze dagen, vergeving van Uw zonden en die van Uw volk.

Het zal onzen Kerken niet mogelijk gemaakt worden de dagen van 10-15 Mei te bestemmen tot dagen van boete gebed.

Maar……, niemand kan U beletten in Uw eigen woning, Uw intentie hierop te richten en te bidden, te zingen en te lezen.

“EEN KRACHTIG GEBED DES RECHTVAARDIGEN VERMAG VEEL”.

Daarom, CHRISTENEN ALLER GEZINDTEN, KATHOLIEKEN EN PROTESTANTEN, gij allen die bidden geleerd hebt, wordt tot U de dringende oproep gericht: Loopt den Heer aan als een waterstroom.

Bidt om vergeving van de zonden van ons volk. Bidt voor Nederland; bidt voor de bedroefden en rouwdragenden; bidt voor onze dierbare KONINGIN, Haar kinderen en onze wettige regeering. Bidt voor onze soldaten en zeelieden, die nog vechten voor onze vrijheid; bidt voor hen die zoo bitter vervolgd worden om geloof en ras; bidt om den vrede; bidt om de bevrijding van ons vaderland. Bidt ook voor den overweldiger.

Op de dagen van 10-15 Mei 1941 zullen in tienduizenden christengezinnen dezelfde gezangen worden gezongen en dezelfde gedeelten uit Gods Heilig Woord worden gelezen, en alle gebeden zullen culmineeren en eindigen in deze smeeking: “Heere, maak Nederland weer vrij”.

Hierin zullen wij eens zijn, wij en onze kinderen!

Bedenkt dit Nederlanders: een biddend volk is onweerstaanbaar en wordt innerlijk nooit verslagen. Het zal ook nationaal bevrijd worden op Gods tijd en op zijn wijze.

Vertrouw niet al te zeer op hulp van menschen, op vorsten en volken.

“Help nu Uself, zoo helpt U Godt”

Aan den avond van den droeven 14e Mei zal Nederland herhalen de woorden van den Vader des Vaderlands:

IK HEB MET DEN POTENTAAT ALLER POTENTATEN EEN VAST VERBOND GEMAAKT”

VOOR PROTESTANTEN: 10 Mei: Ps. 79, Ps. 60: 1 en 3e, Neh. 9:33-37, Ps. M 30:2.

11 Mei: Jer. 14:7-9-Ps. 79:4 Ps.12. Ps. 68 :1 Rom. 8: 31-39, Ps 46 :2

12 Mei : Job. 27: 13-23, Ps. 9:9 en 10.

13 Mei : Jes. 14 :3-23, Ps.3 :4 :.

14 Mei : Ps. 60, Gez.96:1 en 4, Jes. 33: 1-13, Ps. 75:4.

15 Mei:Ps.121, Gez. 1:6. Efeze 6: 10-18, Ps. 75:4

(De gezangen zijn cursief gedrukt)

VOOR KATHOLIEKEN: elken dag Onze Vader, Akte van berouw, Psalm Miserere en Profundus

OPROEP TOT ALLE NEDERLANDERS.

De dagen van 10-14 Mei zijn voor alles, DAGEN VAN ROUW.

In ’t bijzonder op 14 Mei zult ge Uw gevallenen herdenken.

Doet dat alleen in Uw huiselijke kring en vermijdt alle demonstratie van rouw buiten Uw woning.

Doet, met honderdduizenden Nederlanders, het volgende:

Bezoekt geen vergaderingen of vermakelijkheden op de dagen van 10-14 Mei.

Stelt familiefeesten uit. (Denkt aan het leed dergenen die rouwen om hun dierbaren).

OP 14 MEI:

  1. Koopt na ’s-middags 1 uur niets meer in winkels of aan de deur.
  2. Sluit na 2 uur alle gordijnen aan de voorzijde van Uw woning (herdenkt de gesneuvelden en de landgenooten die stierven onder de puinhoopen van Rotterdam en andere plaatsen).
  3. Siert, te ’s-Avonds 9 uur, als symbool van Uw onverbrekelijke trouw en liefde, de beeltenis van Uw Koningin met bloemen en oranje. (zij komt terug). Zingt, met milioenen Nederlanders, op hetzelfde ogenblik te 9.15 uur het 1e, 6e en 14e vers van ons Wilhelmus. (Nederland zal herrijzen!).

Hieraan kan en zal ieder waarlijk-Nederlander stipt voldoen.

Toon dan Uw eenheid Nederland, ook in Uw rouw en hoop.

LEVE DE KONINGIN                                                             LEVE HET VADERLAND !

N.B. Deze circulaire is niet bestemd voor “Verzamelaars”. Zij moet alle Christen-Nederlanders bereiken. Noteer de hoofdzaken en zendt haar dan naar Uw vrienden buiten Uw woonplaats (als drukwerk of brief.)

Doe niet geheimzinnig en gewichtig, laat niet lezen aan anderen dan goed Katholieken en Protestanten.

GEEF DOOR!                                         GEEF DOOR!

Verslag vertrouwelijke NSB bijeenkomst (archief nummer 22)

Utrecht, 15 Augustus 1941

Op het hoofdkwartier van de N.S.B. aan de Maliebaan te Utrecht, heeft hedenmiddag voor een hondertal leidende figuren uit de Nationaal-Socialistisch Beweging de Commissaris-Generaal Dr. Schmidt van het Rijkscommissisariaat gesproken. Uit alle deelen van het land waren de hooge functionarissen van de N.S.B. naar het hoofdkwartier gekomen om een rede aan te hooren van Dr. Schmidt, die sprak over:

‘DE BINNEN-EN BUITENLANDSCHE POLIITIEK VAN DE DUITSCHE OVERHEID IN HET BEZETTE “NEDERLANDSCHE GEBIED”.

(Er werd medegedeeld, dat deze bijeenkomst een strikt vertrouwelijk karakter droeg en dat het niet in de bedoeling was aan deze rede, naar buiten uit, ruchtbaarheid te geven)

Na een kort inleidend woord van den Heer C. van Geelkerken was het woord aan Dr. Schmidt, die zijn betoog aanving met vast te stellen, dat het Nationaal Socialisme in deze dagen, zoowel in Duitschland als in Nederland, te kampen heeft met tegen drie geweldige machten, te weten aan de Oostgrens tegen het Bolsjewisme, aan het Westfront de Plutocratie en in het binnenland (Duitschland en Nederland) tegen de R.K. Kerk.

Zeer velen van ons en van U, aldus spreker, zullen zich met angst om het hart hebben afgevraagd, waarom de Fuehrer in 1939 een pact sloot met Stalin van wien men toch ook toen wist, dat hij niet te vertrouwen was. Het is U bekend waarom Adolf Hitler tot het sluiten van dit pact moest overgaan en hoe het Duitsche volk in deze dagen bezig is voor goed het Bolsjewistische monster van zich af te schudden. De Duitsche soldaat slaat in dit uur de wapens neer van de Bolsjewistische kliek uit Moskou en al zal deze strijd nog maanden duren (hetgeen God verhoede) de uiteindelijke zegepraal zal aan het Duitsche leger zijn.

Een der moeilijkste problemen waarmee Berlijn zich thans reeds bezighoudt, is wel de vraag, hoe krijgen we na het beëindigen van de oorlog met Rusland dat milioenenvolk geciviliseerd? Hoe kunnen wij een volk, dat jarenlang in de diepste armoe en ellende geleefd heeft, op een peil brengen, dat de huidige Europeesche beschaving eenigermate nabij komt?

Dat er momenteel grandioos werk wordt verricht door den Duitschen soldaat aan de Oostgrens behoeft niet verzwegen te worden, doch dat van diegenen, die straks het Russische volk moeten leiden, oneindig veel meer gevergd zal worden, stond voor de spreker vast. Maar aan deze gehele affaire zit een goede en van geweldige beteekenis zijnde kant, n.l. dat het Duitsche volk thans een tijd doormaakt, welke het zoo hard maakt, dat voor de toekomst niet gevreesd behoeft te worden, dat datzelfde volk niet in staat zal zijn moeilijkheden van welken aard ook of welken omvang ook te overwinnen.

De kerk en met name de R.K. Kerk is zoolang het Nationaal Socialisme bestaat een tegenstander geweest. Na een lange poos van schijnbare rust is de strijd de vorige maand weer fel opgelaaid. Door den brief van de Duitsche Bisschoppen is een zekere onrust onder het Katholieke deel van het Duitsche volk ontstaan, eenzelfde onrust als men hier te lande kon waarnemen, toen Mgr. De Jong, de Aartsbisschop van Utrecht, een soortgelijken brief als van zijn Duitsche broeder van den kansel liet voorlezen.

Wij Nationaal Socialisten ontzeggen echter een Bisschop, ueberhaupt elke kerkelijke instantie, zich te bemoeien met de politieke macht welke uitsluitend aan de politieke en wereldlijke leiders van een volk toekomt.

Wij weten het al jaren, onze leuze: “Die Volksfuehrung gehoert uns” wordt door de kerk bestreden, maar desondanks zullen wij de kerk terugbrengen op het terrein waar zij hoort en zullen wij langzaam maar zeker den priester zijn wereldlijke macht ontnemen.

Wij Nationaal Socialisten zijn positieve Christenen en juist omdat wij dat zijn, hebben wij het recht, de Kerk te zuiveren van alle niet kerkelijke invloeden. Den Bisschop wordt de keus geboden met ons samen tewerken tot heil van het gansche volk; is hij echter niet bereid de Volksfuehrung aan het ons over te laten, dan zal hij weten wat het beteekent, “als wij Nationaal-Socialisten met hardheid optreden”.

Voor het lidmaatschap van het R.K. Werkliedenverbond is Nederland hebben zich tienduizenden arbeiders onder invloed van den Bisschop bedankt, doch spreker is er van overtuigd, dat wanneer Woudenberg deze zaak tactisch aanpakt en de Duitsche overheid heeft dat vertrouwen in hem, dan zal het hem gelukken binnen enkele maanden deze menschen te vereenigen in het N.V.V. De sociale voorziening moeten zoo gunstig mogelijk gemaakt worden, opdat de arbeider inziet, dat indien hij niet meegaat, hem slechts ellende en armoede boven het hoofd hangen.

De strijd tegen de Plutocatriën zal op de bekende radicale wijze door Duitschland tot een succesvol eind worden gebracht en waarschijnlijk eerder dan menigeen vermoedt.

Overgaande tot de politieke constellatie in ons land op dit oogenblik, merkt de spreker op, dat de reede van Dr. Seyss Inquart op het ijsclubterrein in Amsterdam het teeken was om de Nederlanders nu eindelijk eens kleur te laten bekennen. Men weet het, hier stond men voor de vraag; voor of tegen ons, wel het antwoord is niet lang uitgebleven en de daaruit voortvloeiende consequenties zijn U allen bekend.

De politieke partijen hebben allen geweigerd het roer om te gooien en derhalve in het luchtledige opgelost, de overblijvende vier partijen hebben stuk voor stuk anders op de rede gereageerd. Was het een half jaar geleden zoo, dat de Duitsche overheid in Den Haag twee Nationaal Socialistische partijen wilde erkennen, thans is een van hen afgevallen en is slechts de N.S.B. overgebleven (langdurig applaus).

De N.S.B. heeft getoond van het woord een daad te kunnen maken en thans gaat op haar een verantwoordelijke taak rusten. Laten de N.S.B. leiders nu niet zeggen: Duitschland maait ons het gras voor de voeten weg. Heusch, mijne Heeren, er is nog genoeg voor U te doen. Laten wij samen trachten de moeilijkheden te overwinnen. Arnold Meyer is de eerste geweest, die de vrijwilligers-legioen gedachte uitsprak, doch desondanks noemen de Duitsche autoriteiten deze man niet  serieus. Immers, van het Nationaal Front hebben zich 8 leden aangemeld. Of deze inderdaad naar het Oostfront zijn vertrokken is niet bekend en interesseerde spreker niet.

De Unie heeft bewezen de meest reactionnaire beweging te zijn. Zij besloot eerst nog eens rustig af te wachten, of dit inderdaad ernst werd aan het Oostfront en vond het later noodig te verklaren, dat men de Nederlanders niet voor de keus mag stellen voor of tegen Bolsjewisme. Het is dan ook op uitdrukkelijk verlangen van Uw leider, aldus spreker, dat de Unie thans nog bestaat. Deze beweging heeft voor de overheid niet de minste beteekenis meer, doch er is iets te zeggen voor het N.S.B. standpunt, dat zij maar moet blijven bestaan, omdat er anders zoo goed als niets meer is waar tegen gestreden kan worden.

Tenslotte gaf de leiding van de N.S.B. nog in overweging over te gaan tot het stichten van een amdwerkersfront.

Wat de voedselvoorziening in ons land betreft, de overheid hoopt de vleeschvoorziening te houden op het peil, waar op het nu staat, doch zekerheid hier omtrent bestaat er niet. De aardappelpositie is sinds enkele dagen volkomen gegarandeerd zoodat daaraan deze winter geen gebrek zal zijn. De groote moeilijkheid is echter de kolenvoorziening, hoe zij in de komende maanden geregeld moet worden is in verband met het enorme treinverkeer naar het Oostfront niet nauwkeurig te bezien. Het zijn de kolen, welke de bezettende overheid de grootste zorg baren.

Ja, mijn kameraden, het is een zware tijd, maar wij moeten er doorheen, wil er een gelukkige toekomst voor geheel Europa gewaarborgd zijn. Laten wij Duitsche en Nederlandsche Nationaal Socialisten elkaar de hand geven. Laten wij gezamenlijk trachten door ons geloof en door onze ideeën alle Germanen voor ons te winnen. Wij zijn ook hier in Nederland op den goeden weg. Er staan groote en gewichtige dingen te gebeuren in binnen- en buitenland. Helpt gij met Uw fronten mee onze taak te verlichten. De N.S.B. moet de dragende beweging zijn en worden van het Nationaal Socialisme in Nederland. Reeds hebt gij getoond voor Uwe overtuiging in te staan, daden aan woorden te kunnen voegen. Het eerste baanbrekende werk is thans verricht, laten wij tezamen de winter tegemoettreden in het vertrouwen, dat ons geen moeilijkheden te groot kunnen worden geboden, of ze moeten te overwinnen zijn (applaus).

Hierna  was het woord aan den leider van de N.S.B. Ir. A.A. Mussert. Spreker bedankte allereerst Dr. Schmidt voor zijn beteekenisvolle rede en gaf hem de verzekering, dat tusschen de Duitsche overheid en de N.S.B. geen verschil van meening meer bestaat over de wijze, waarop hier te lande het Nationaal Socialisme moet worden gebracht. De oude leuze “Mussert of Moskou” heeft nog niets van haar kracht ingeboet en het deed spreker genoegen althans eenige manschappen naar het Oostfront te kunnen sturen. De Finsch-Russische oorlog van een paar jaar geleden, is door de Russen in scène gezet om het voor de buitenwereld te doen schijnen, alsof die Russen zoo sterk niet waren. En bij het binnentrekken van Polen hetzelfde spelletje. Met het oudste materiaal dat zij hadden, kwamen zij de Duitschers tegemoet, en ten tweede male vermoedde de wereld, dat het Russische leger niet veel waard was. Doch het waren krijgslisten, want in werkelijkheid beschikt Stalin over een leger van een sterkte en een grootte, als waarvoor het Duitsche leger nimmer heeft gestaan. Doch Hitler zal dit leger verpletteren en spreker was blij, dat de Fuehrer hem had toegestaan, dat vanuit Nederland medegestreden mocht worden. Er zijn thans 10000 man werkzaam bij de Standarte Westland, in het legioen, bij de S.S., bij de N.S.K.K enz. doch spreker zal niet tevreden zijn, voordat er een volledig W.A. regiment zal zijn. Doch voor dit alles willen wij ook als beweging erkend worden. Het Nederlandsche volk moet weten, dat het, door te strijden aan de zijde van Hitler, aan den goeden kant staat. Mogen binnenkort 50000 apen hun leven inzetten voor een gelukkig Nederland!!!

Het W.A. regiment, zoo vervolgde spreker, zal nadat het uit Rusland weerkeert, (wat een optimist) naar Zuid-Afrika worden gezonden, waar het de onderdrukte boeren zal kunnen bevrijden, ha, ha, ha, ha, ha.

Noch ik (hik), noch Hitler (hik), willen een Luther of een Calvijn doch wij zullen wel de kerk terugbrengen waar zij gestaan heeft. Prater is enkele jaren geleden door bemiddeling van den Duce door de Paus ontvangen, toen was de tegenwoordige Paus nog staatssecretaris en kardinaal Pacelli. In een gesprek, dat spreker toen met met den tegenwoordigen kerkvorst had, Kardinaal Pacelli, dat wanneer hij te kiezen had tussschen Communisme en Nationaal Socialisme, hij de voorkeur zou geven aan het Communisme. (geroep: Foei).

Toont (?) wat wij dus van dezen Paus hebben te verwachten is duidelijk. Doch desalniettemin zullen wij Kerken zuiveren van al wat zweemt naar wereldlijke (NSB) macht dat zal uiteindelijk de religie ten goede komen. Het optreden van de N.S.N.A.P. heeft spreker maandenlang geërgerd en daarom deed het hem genoegen uit de maul van Dr. Schmidt te vernemen, dat de N.S.N.A.P. bij de autoriteiten heeft afgedaan. Vier millioen volksgenooten moeten weten, waar zij aan toe zijn (weten wij al) en juist door het gekrakeel van de NSNAP hadden velen geen vertrouwen meer in ons????? Uit propagandistisch oogpunt benadeelde de NSNAP de N.S.B. en dat is nu voortaan afgeloopen (applaus ahum)

Over Arnold Meyer wenscht spreker geen woorden vuil te maken, doch inderdaad bestaat de Unie nog bij de gratie van de N.S.B. (laat ons bidden).

De Unie is gewoon een vervolg van de E.D.D. Welnu de E.E.D. is een roemloze dood gestorven, zo zal het ook de N.S.B. vergaan.

Na een opwekking (de laatste uit een flesch Bols) tot de nog aanwezigen om moedig stand te houden (wat wel noodig was), bracht spreker tenslotte een driewerk “Lang zal die leven” uit op Dolfie Hitler.

Laat het bovenstaande aan vrienden en bekenden, mits goede nederlanders, lezen of, indien mogelijk, zorg voor een verspreiding op groote schaal, dan zullen inderdaad binnenkort vier millioen “volksgenooten” weten waar zij aan toe zijn.

Vervolg: Oorlogsjaar 1942